Beste,
Op 5 april 1943 barstte de hel los in Mortsel bij Antwerpen. 82 bommenwerpers van de Amerikaanse 8ste luchtmacht planden een luchtaanval met als doel de vroegere Minerva-autofabriek te Mortsel. Het plaatselijke verzet had immers gemeld dat daar Duitse jachtvliegtuigen van de Luftwaffe hersteld werden.
815 bommen, samen 254,5 ton, werden boven Mortsel gedropt …. De bommen kwamen zeer verspreid neer want slechts 4 bommen kwamen op de Minervafabriek terecht … De overige sloegen in op de woonwijken naast de fabriek!
Daardoor vielen 936 dodelijke slachtoffers te betreuren, waaronder 209 kinderen. 1.342 mensen geraakten gewond. De materiële schade was enorm: 1.259 woningen werden zwaar beschadigd.
Radio Londen meldde de avond van 5 april: De aanval leverde uitstekende resultaten op. Het Duitse persbureau schreef op 6 april:Voltreffers in de huizenblokken veroorzaakten brand en verwoesting en brachten de burgerbevolking bloedige verliezen toe…
En net vanavond gaat het over deze menselijke ramp. In zijn boek ‘het graf van de voddenraper‘ keert auteur Bart Vercauteren terug naar die bewuste periode. Op een indringende wijze vertelt hij ons in deze roman welke menselijke schade een oorlog met zich meebrengt, ook lang na de feiten.
Wie ook treffend de ellende van de Tweede Wereldoorlog beschreef was Boontje in zijn magistrale boek : ‘Mijn Kleine Oorlog‘ …..

” Waar is de tijd dat ge uw eigen huisje probeerde af te betalen, nu eens vooruitkomend met wat te werken en dan weer achteruitkrabbelend met te moeten gaan doppen - en op een morgen uw vrouw die zegt : voel eens IK WORD LEVEN GEWAAR, en ondertusschen de agent met uw mobilisatiebrief - en het huis dat uw vrouw maar alleen moet afkorten, en de pakken die ze u opstuurt, en de brieven die ze u schrijft : ik word geen leven meer gewaar, zou er iets zijn? En ‘s anderenendaags o godzijdank nu heeft hij weer zijn nest gedraaid.
Ondertusschen geeft men u 1 fr. per dag en steelt men de boter en de schoenen en zijn de officieren zat en breekt de oorlog uit juist als ge aan het albertkanaal zit en zijn ze ginder voor u de grijze smeerlappen en gaan ze achter u aan het loopen de andere smeerlappen en zit ge met de gebakken peren – uw kind moet ongeveer beginnen loopen, maar ge weet het niet – ge weet niet of ZIJ eigenlijk lasten moeten betalen ja of neen – en daarbij DE BOMMEN VALLEN – misschien ligt ze ginder ook al dood
BOEM
o dat was er dicht tegen
en zeggen det de groote hoop er zich nog altijd aan vastklampte dat het groote manoeuvers waren.” (uit Mijn Kleine Oorlog van LP Boon, p 15-16)
En als je over al dat leed leest, dan kan je volmondig achter de laatste zin van Boontje’s ‘Mijn Klene Oorlog’ staan :
SCHOP DE MENSCHEN
TOT ZIJ
EEN
GEWETEN
KRIJGEN.
Gomarken
PS vanavond 28 april 2012 lezing in estaminet De Paling : het graf van de voddenraper door auteur Bart Vercauteren.





